|
|
|
Grondbeginselen van het Rode KruisInternationale Rode Kruis Conferentie van 1965. Van dit hoogste Orgaan van het Rode Kruis maken zowel Het Nederlandse Rode Kruis als de Nederlandse Regering deel uit. MENSLIEVENDHEID Het Rode Kruis, geboren uit het verlangen zonder onderscheid hulp te bieden aan de gewonden op het slagveld, tracht, in zijn internationale en nationale doelstelling, menselijk leed te voorkomen en te verzachten, waar dit ook wordt waargenomen. Zijn doel is leven en gezondheid van de mens te beschermen en eerbied jegens hem te waarborgen. Het bevordert en streeft naar wederzijds begrip, vriendschap, samenwerking en duurzame vrede tussen alle volkeren. ONPARTIJDIGHEID Het maakt geen onderscheid voor wat betreft nationaliteit, ras, godsdienstige overtuiging, stand of politieke mening. Het tracht slechts lijden te verlichten, voorrang gevend aan noodgevallen. NEUTRALITEIT Ten einde zich van het vertrouwen van ieder verzekerd te weten, kiest het Rode Kruis geen partij in geval van vijandelijkheden of mengt zich, wanneer ook, in kwesties van politieke, racistische, godsdienstige of ideologische aard. ONAFHANKELIJKHEID Het Rode Kruis is onafhankelijk. De Nationale Rode Kruisverenigingen moeten, ook al fungeren zij als hulporganen in de landelijke humanitaire diensten en zijn zij ondergeschikt aan de wetten van de landen waarin zij werkzaam zijn, altijd hun eigen identiteit bewaren, opdat zij te allen tijde overeenkomstig de Rode Kruis beginselen kunnen blijven handelen. VRIJWILLIGHEID Het Rode Kruis is een hulporganisatie op vrijwillige basis. Op generlei wijze wordt het maken van winst beoogd. EENHEID In elk land kan slechts één Rode Kruisvereniging werkzaam zijn en zij moet voor iedereen openstaan. De vereniging moet haar humanitaire taak in het gehele land ten uitvoer brengen. ALGEMEENHEID Het Rode Kruis is in zijn algemeenheid een wereldomvattende instelling, waarin alle verenigingen dezelfde positie innemen en gelijke verantwoordelijkheden en plichten hebben om elkaar te helpen. |